TravelKees

Twee dagen in Surakarta

Een voorlopig afscheid van Yogyakarta, wetende dat ik hier over anderhalve week nog éénmaal terug zal keren. Maar voor nu is mijn blik even op de oostelijke helft van Java gericht en de eerste stad die je dan tegenkomt is Surakarta, ook wel bekend als Solo. De reis erheen is niet ingewikkeld en hoeft niet lang te duren. Er gaan regelmatig treinen naar Surakarta, een reis van iets meer dan twee uur. Een niet al te spannende reis dus.

Publicatie van de dagboeken van mijn wereldreis van 1990 - 1991 
zondag 28 oktober &
maandag 29 oktober 1990

Lees hier waarom.

 

Vertraging van een uurtje

Omdat ik vanochtend nog wat langer op mijn bed wil blijven liggen na de zoveelste lange nacht ben ik pas om tien uur op het station voor de trein naar Surakarta. Maar ik had net zo goed nóg een uur langer kunnen blijven liggen, want ik hoor al snel dat de trein van tien uur niet eerder dan om elf uur zal arriveren. Gelukkig heb ik bij mijn vertrek uit de hostel nog snel even twee loempia’s kunnen aanschaffen bij de loempia-man, die ze keurig heeft verpakt in vetvrij papier. En die loempia’s ga ik dan maar zitten verorberen terwijl ik op het perron gehurkt boven mijn rugzak de geduldige wachthouding aanneem van een backpacker die natuurlijk zeeën van tijd heeft en zich heel zichtbaar totaal niet druk maakt over een vertraging van een uurtje.

En als de trein arriveert, zit deze tjokvol en is het nog een heel gevecht om sowieso aan boord te komen. Ik kom eigenlijk niet verder dan de brug, waar ik besluit om mij om te draaien, en te gaan zitten in de openstaande deur, met mijn voeten op de treeplank. Het blijkt de allerbeste plek van de hele trein te zijn, want: ik heb onbelemmerd uitzicht op de alweer schitterende Javaanse rijstvelden en tegelijk, zo lang de trein in beweging is, een verkoelende wind langs mijn lijf.

Indonesisch badderen: de mandi

Na aankomst in Surakarta zoek ik The Westerners Guesthouse op, een adres dat door iedereen wordt aanbevolen. Ik leg beslag op het laatste bed op een slaapzaal en neem een verfrissende mandi. Een mandi is de Indonesische methode van in bad gaan: je hebt een grote container met koud water, waaruit je met een bakje of een steelpannetje scheppen water neemt en die over je lichaam uit giet. Da’s koud, maar het went. Want je lichaam is flink opgewarmd door de constant tropische temperaturen buiten. En mijn lijf was ook nog eens behoorlijk smerig geworden door mijn tripje op de treeplank van de trein vanochtend.

Surakarta staat er ondermeer om bekend dat je hier meer dan goed kan eten. En dat kan ik na de eerste avond al beamen. Meer nog dan in Yogyakarta heb je een enorme keuze uit warungs en straatverkopers. En overal scharrel je verschillende componenten voor je maaltijd bij elkaar. Het lekkerst is vanavond nog het toetje: dunne pannenkoekjes met kokos en banaan. Een echter killer!

surakarta

Becaks in Surakarta wachten op passagiers.

Door Surakarta op de fiets

Maandag is weer een dag voor sightseeing. Ik huur een fiets en trek er op uit om iets van Surakarta te zien. En net als Yogyakarta heeft Surakarta ook een Kraton. Ik besluit het toch ook maar te bezoeken. Ik ben hier nou toch. Dat gaat hier met een verplichte rondleiding. Ik word keurig ingedeeld bij een grotere groep Nederlanders, en krijg dus ook keurig in het Nederlands tekst en uitleg. Het kraton van Surakarta imponeert een stuk minder dan dat van Yogyakarta, maar dat komt misschien ook dat hier vijf jaar geleden een flinke brand heeft gewoed en men niet al te voortvarend aan het restaureren is geslagen.

surakarta

Ook Surakarta heeft zijn eigen kraton, want het was net als Yogyakarta een zelfstandige vorstenstaat.

surakarta

Na de anderhalf uur durende rondleiding kan ik me eindelijk losmaken uit de groep en heb tijd om op eigen houtje nog rustig wat dingen te bekijken. In de middag freewheel ik met mijn fiets een heerlijk tijdje door de stad. En zo kom ik o.a. terecht op de overdekte markt en bij het oude postkantoor. Het is een lekker middagje toeren op een oude opoefiets die rammelt en kraakt aan alle kanten.

Forbidden to get drunk

Bij de warungs raak ik tijdens het avondeten aan de praat met een groepje van vier met elkaar optrekkende backpackers uit verschillende Scandinavische landen. Einde van het liedje is natuurlijk weer dat we gezamenlijk een fles arak scoren en die mee nemen naar de hostel, waar we de volgende ochtend pas zien wat er op de muur van de receptie geschreven staat: “It is forbidden to get drunk”.

Geef een reactie