TravelKees

Naar Pai, het hippiedorp

Het busstation van Chiang Mai ligt een behoorlijk stuk uit het centrum. Daar kom ik wat laat achter vanochtend, terwijl ik mijn buskaartje al op zak heb. Ik schiet dus snel een tuktuk aan en zo is een klein plotseling vervoersprobleem snel getackeld. Op het busstation staan een paar niet al te grote bussen al met ronkende motoren klaar om te vertrekken. Mijn bagage gaat op het dak en binnen zoek ik een plek uit waar ik het beste mijn benen kwijt kan. Want de tocht naar Pai gaat vijf uur duren.

Publicatie van de dagboeken van mijn wereldreis van 1990 - 1991 
donderdag 16 augustus

Lees hier waarom.

Evenwichtsorgaan

De weg naar Pai telt honderden bochten. Ik hoop dus dat de chauffeur een beetje gevoel heeft in zijn rechtervoet en niet overal te bruusk op de rem trapt. Ik heb nogal een verleden met reisziekte: op boten gaat het nog steeds regelmatig mis, maar in auto’s en bussen ben ik wel over mijn misselijkheid heen gegroeid sinds mijn kindertijd. Alleen de lange bochtige trajecten in het Verre Oosten die ik voor mijn kiezen heb gekregen de afgelopen maanden zorgden er weer regelmatig voor dat mijn evenwichtsorgaan uit balans werd gebracht.

Gelukkig tref ik dit keer een chauffeur met met de nodige souplesse en voorzichtigheid de bochten neemt (en dat zijn er op het stuk tussen Chiang Mai en Pai honderden!) wat weer als keerzijde heeft dat we al snel achter zijn op schema. Maar dat deert mij helemaal niets. Er is niets en niemand die in Pai op mij zit te wachten.

Wild-westsfeer

pai

De vraag is dus wat er mooier is: deze tempel boven op een heuveltop of….

Tijdens de lunchbreak eet ik mij de tranen in de ogen aan de overigens formidabele Thaise curry die er geserveerd wordt aan alle passagiers. De flessen water om de fik in mijn mond te blussen vallen niet aan te slepen.

Met een achterstand van anderhalf uur op het schema arriveren we in Pai, een hoofdstraat met wat zijstraatjes. Er hangt een beetje een wild-west-achtige sfeer. Op straat en in de barretjes opvallend veel hippies van het type dat hier ooit is aangespoeld en sindsdien niet verder meer is getrokken. Vastgeroest. Ik kies één van de zijstraatjes en loop een stuk in de richting van de rivier (de Pai-rivier), waar ik hoop dat er nog plek is in de Pai River Lodge. Dat bestaat uit een serie bamboe-bungalows op palen, in een grote cirkel gebouwd rondom een groot grasveld. In het midden daarvan het hoofdgebouw, ook van bamboe, waarin de receptie en de bar gevestigd zijn. In de bar veel kussens op de vloer, waar je je met je favoriete drankje heerlijk kan neervlijen.

pai

…of dit uitzicht over Pai en de vallei waarin dit dorp zich bevindt.

Nieuwe reisvrienden

Daar ontmoet ik de broers Paul en Mark uit de USA en Michelle uit Canada. Even later komen er nog twee jongens uit Duitsland aan en we besluiten met z’n zessen aan het einde van de middag een wandeling te maken naar een tempel op een heuveltop even buiten Pai. Het is de Wat Phra That Mae Yen, wat Tempel op de Heuvel betekent. Logisch. De 353 treden er naar toe vormen geen enkel obstakel maar boven aangekomen vind ik toch de tempel minder bezienswaardig ten opzicht van het geniale uitzicht dat je hier hebt over de vallei waarin Pai ligt.

Terug in de lodge is het borreltijd een aansluitend eten we wat de jongens van de Pai River Lodge voor ons klaar kunnen maken. We zijn het er met z’n allen over eens dat de versie van de pad thai die hier geserveerd wordt, een nominatie voor een Michelinster verdient. De mannen uit Duitsland zijn vroeg naar bed en met mijn nieuwe Noord-Amerikaanse reisvrienden maak ik avontuurlijke plannen voor de volgende dag.

Een gedachte aan “Naar Pai, het hippiedorp

  1. Pingback: Het leuke van een jungletrek in Thailand - TravelKees

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.