TravelKees

Freewheelen langs de stranden van Bali

Nu ben ik al een week op Bali, ben voor mijn gevoel overal geweest, maar heb zeker nog niet alles gezien. Bali is niet zo’n gek groot eiland (grofweg Friesland en Groningen bij elkaar), maar er valt gewoon ontzettend veel te zien. Nadat ik mijn gehuurde motorfiets eerder deze week heb teruggebracht heb ik Ubud en omgeving al wandelend goed uitgekamd. Maar nu begint het weer te kriebelen. Ik wil nog naar het noorden toe en eigenlijk zeker nog een keertje terug naar één van de mooiste stranden van Bali…

Publicatie van de dagboeken van mijn wereldreis van 1990 - 1991 
zondag 18 november t/m 
woensdag 21 november 1990
Lees hier waarom.

Deal voor een motorfiets

Het eerste wat ik dan ook doe na mijn ontbijt vandaag is het dorp in om te kijken of ik een goede deal kan maken voor een motorfiets. Wetende dat mijn vertrek uit Bali op de 27e van deze maand zal zijn, maak ik in één keer een deal voor negen dagen, wat een gunstig effect heeft op de dagprijs. En zo heb ik nu mijn eigen vervoer voor 5000 roepia’s per dag.

Terug in de guesthouse pak ik snel wat spullen bij elkaar in een kleine sporttas en laat de bulk van mijn bagage achter om later weer op te halen. Hoe lang ik op pad ga weet ik nog niet, maar zeker is dat ik wel een paar nachten weg zal blijven. Er is alleen een klein probleem: mijn blauwe sporttas kan niet achter op de motor bevestigd worden. Een spin zou handig uitkomen, maar dat soort accessoires zijn hier niet te vinden. Maar na wat passen en meten krijg ik de tas tussen mijn knieën achter het spatbord geklemd, tussen zadel en stuur. Bijna perfect.

Lovina Beach

Ik kies weer lukraak één van de vele wegen die zich over het vulkaanhellingen omhoog slingeren. Het maakt eigenlijk niet uit welke route je kiest, het landschap is overal even groen en spectaculair. Ik stop regelmatig voor een foto, dan weer voor het kopen van fruit en even later op dat dan weer op te eten.

bali

De noordkust komt in zicht bij de afdaling vanuit de bergen.

Aan de noordkust arriveer ik na de middag in de plaats Lovina Beach. Nou ja, het is eigenlijk meer een verzamelnaam voor een hele rits plaatsjes, waarvan ik de naam Kalibukbuk nog het meest exotisch vind klinken. En daar vind ik ook een guesthouse voor de nacht; je hebt er allemaal bungalowtjes in een fraaie tuin en vriendelijke eigenaars.

stranden van bali

De veranda van mijn huisje in de guesthouse in Lovina

Dat kan je van de rest van Lovina niet echt zeggen, dat van die vriendelijkheid. Dat merk ik al snel als ik het laatste uurtje van de dag even neerstrijk op het strand. Je wordt er om de haverklap echt lastig gevallen door mensen die iets willen verkopen: sarongs, houtsnijwerk, excursies naar de dolfijnen, massage en wat heb je allemaal nog meer. Als het ene mannetje weg is, komt direct de volgende al weer opdagen.

Schoon van top tot teen

Het ontbijt de volgende ochtend is helaas aan de schrale kant: twee banaantjes en een glas thee. Ik ben redelijk vroeg op, dus ik gok er op dat je op het strand niet al te veel lastige mannetjes hebt. Maar dat blijkt een misvatting. Ik ben lange tijd de enige bezoeker, dus sta ik volop in de belangstelling. Ik pak dus de motor maar weer voor een tochtje wat verder langs de noordkust en kom uit bij Air Panas, warmwaterbronnen op een prachtige plek iets in het achterland. En hoewel het water er wat troebel uit ziet, is het heerlijk baden hier met eigenlijk alleen een paar Indonesische bezoekers en mij zelf.

Vervolgens rijd ik verder naar Air Sanih, waar je ook bronnen hebt, maar waarvan het water een stuk helderder en koeler is. Ook maar eens proberen dacht ik zo. Je kan wel zeggen dat ik nadien wel schoon was van top tot teen. In de avond eet ik in het Rambutan Restaurant met de Amerikaanse Helma van een weer uitstekende rijsttafel. Zij heeft de zelfde ervaringen als ik: mooie omgeving hier ook, maar de mensen zijn overal veel opdringeriger dan in het zuiden. Echt om je aan te storen.

Ingebouwde kompas

Dinsdagochtend, als ik al heel vroeg wakker ben, staat mijn besluit vast: ik vertrek uit Lovina en zet ik mijn tocht naar elders voort. Waar naar toe precies data weet ik dan nog niet, ik vertrouw op mijn ingebouwde kompas. En dat kompas stuurt mij als vanzelf weer de berg op zodat ik voor de tweede keer deze week over de kraterrand van Gunung Batur rijd. Op de frisse bergpas met weer prachtig uitzicht over de krater, koop ik een paar pannenkoeken langs de weg bij wijze van extra ontbijt.

bali

Als je Bali doorkruist van zuid naar noord maakt de route niet zo veel uit: elke weg voert door een prachtig landschap.

bali

Rijstterrassen in het binnenland van Bali.

En als ik weer op de motorfiets zit, stuurt mijn ingebouwde kompas mij als vanzelf weer naar Padangbai, waar ik eerder deze week vrij onverwacht op het mooiste strand van Bali stuitte. Man, wat heb ik zin om gewoon de rest van de dag lekker op White Sand Beach te gaan zitten. En dat doe ik dan ook. Ik werp me een paar keer in de metershoge golven en laat me op het strand terug smijten. Waarna ik onder de kleine schaafwondjes zit, maar verfrissend is het wel allemaal. In de avond is het genieten van het eten in de Topi Inn, en dat doe ik samen met een klein groepje backpackers: Jolande en Jeanet (oet Twente) en Frank en Ann (Canada).

stranden van Bali

Kinderen gebruiken piepschuimen verpakkingsmateriaal als hun eigen boot in Padangbai.

Geen programma nodig

Met dit zelfde viertal zit ik de volgende ochtend ook aan het ontbijt. We hebben geen van allen een programma. En dat is ook niet nodig hier in Padangbai. Je hebt er alles voor de gestrande reiziger: twee fantastische stranden (die tweede zal ik vandaag gaan ontdekken), prima eten en een laid-back sfeertje. En bovenal: geen lastige mannetjes.

stranden van Bali

Gouden uurtje op het strand van Padangbai, één van de mooiste stranden van Bali.

We besluiten met z’n allen naar het andere strand te gaan: Blue Lagoon Beach. Daar kan je alleen in de ochtend zitten, want na de middag wordt het strand overspoeld door het hoogtij. Maar het snorkelen is prachtig hier: ik spot heel wat visjes. En als het water ons bijna letterlijk tot de lippen staat, gaan we terug naar de Topi Inn voor lunch. Mijn gezelschap laat ik na de lunch achter, zij vertrekken naar Ubud. Ik ga gewoon weer naar White Sand Beach, waarom ook niet? In Padangbai is het leven op een woensdagmiddag in november niet al te ingewikkeld.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.