TravelKees

De natuur van Jiuzhaigou

Het is nog donker als ik bij het busstation van Songpan aankom tegen zes uur in de ochtend. Maar ik ben er niet de enige. Er vertrekken straks diverse bussen en in de wachtruimten zijn alle zitplaatsen ingenomen door passagiers en hun bagage: tassen, manden en grote zakken met ik weet niet wat voor inhoud allemaal. Gisteren heb ik op vrij eenvoudige wijze een kaartje voor de bus die langs het Jiuzhaigou natuurreservaat komt weten te bemachtigen en ik ga zoeken welke bus ik moet hebben.

Publicatie van de dagboeken van mijn wereldreis van 1990 - 1991 
donderdag 10 mei 1990

Lekker spugen

Het duurt niet lang voordat we kunnen vertrekken met de bus die met al die vrachtjes toch redelijk afgeladen is. Een mand met kippen wordt op het laatste moment nog op het dak van de bus vastgebonden. Bovenop mijn rugzak die er al lag. De weg klimt nu snel naar grotere hoogten. Ik eet mijn ontbijt: een zakje pinda’s. Het enige aan eten wat ik zo vroeg op de ochtend heb kunnen scoren in de buurt van het busstation.

Het is koud in de bus. Ik zit niet ver van de chauffeur die zijn raampje wijd open heeft staan om af en toe even lekker naar buiten te kunnen spugen. Ik ben al lang blij dat hij het niet op de vloer van de bus doet, zoals sommige andere passagiers. En hoe hoger we komen, hoe kouder het wordt. We steken een hoogvlakte over, waarna we via veel bochten weer een stuk afdalen. Overal langs de weg de nu talrijke Tibetanen met hun kleurrijke kleding en het imposante en magnifieke landschap geven mij genoeg om volop van deze rit te genieten.

Een lege weg

De weg waarop we rijden duikt steeds dieper het dal in, waardoor de bergen aan weerszijden steeds hoger lijken te worden. Na het passeren van weer een paar plaatsjes langs de weg stopt de bus bij een zijweg die zou moeten leiden naar het Jiuzhaigou Natuurreservaat. Ik stap de bus uit, haal mijn rugzak van het dak af, hier en daar besmeurd met kippenpoep. Ik ben de enige passagier die uitstapt. De bus rijdt weg en ik blijf alleen achter bij een zijweg die naar een bosrijk dal voert. Dan besef ik dat ik eigenlijk niet meer informatie heb over dit park dan een halve kolom tekst in de Lonely Planet en verhalen van reizigers die ik eerder ontmoette.

jiuzhaigou

Een eenvoudig bord geeft in ieder geval aan dat ik goed zit als ik op zoek ben naar Jiuzhaigou

 

Jiuzhaigou

Het toegangskaartje voor Jiuzhaigou

Ik begin maar te lopen en kom na de eerste bocht in de weg al bij een kantoortje met slagboom, waar ik de toegangsprijs voor het natuurpark betaal. De onverharde weg voor me is leeg en er is zo goed als geen verkeer. Af en toe passeer ik enkele Tibetaanse inwoners van de vallei, die ook lopend of te paard onderweg zijn. Aan het begin van het dal bezoek ik een Tibetaans klooster, waar ik door een monnik word binnengelaten tegen een kleine vergoeding.

jiuzhaigou tibetaans klooster

Het Tibetaanse klooster aan het begin van het dal van Jiuzhaigou

Na een paar uur lopen komt de zon er bij en trekken de meeste wolken weg, waardoor de schitterende met sneeuw bedekte bergtoppen vrij komen, een prachtige kroon op het machtige landschap. Op een plek waar het dal zich wat verbreedt houd ik pauze en gun mijn voeten wat verlichting in een heldere beek, die even verderop uitkomt in een heel complex van meertjes op verschillende niveaus, onderling verbonden door watervalletjes. De meertjes hebben een diepblauwe kleur, waarin de witte bergtoppen schitterend weerspiegelen.

jiuzhaigou

De verschillende meertjes zijn onderling verbonden door watervalletjes.

jiuzhaigou

Diepblauwe meertjes in een stille vallei.

jiuzhaigou travelkees

Ik loop de hele dag in mijn uppie in het schitterende natuurpark van het ene naar het andere meertje.

 

 

En dan valt me ineens op dat ik hier voor het eerst in China op een plek ben waar bijna geen andere mensen om me heen zijn. Er zijn namelijk maar weinig plekken in dit land waar je niet ontkomt aan de nabijheid van grote groepen mensen, die je dan ook nog eens hardnekkig kunnen blijven aanstaren. Hier niets van dat alles. En daar kan ik best van genieten.

jiuzhaigou

Het uitzicht vanuit mijn kamer in het guesthouse

Het dorpstoilet

Dan arriveer ik in het eerste dorpje in het dal, waar ik langs de weg een paar koppen thee scoor, want dorst heb ik wel gekregen. Ik besluit gelijk maar te kijken of hier iets van een herberg is, zodat ik vanuit dit dorpje de rest van het dal zonder mijn complete bagage op de rug kan verkennen. Ik vind een Tibetaans guesthouse dat helemaal uit hout is opgetrokken en kan voor 6 Yuan een kamer krijgen. De herberg blijkt geen wc te hebben, maar dat is geen probleem: ik mag gebruik maken van het dorpstoilet: een huisje op palen met een gat in de vloer. En terwijl ik via het trappetje omhoog loop, heb ik volledig uitzicht op de ‘productie’ van hen die mij voorgingen.

 

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.